Maitland level 1

september 6, 2016

Afgelopen week is een nieuwe groep studenten met de Maitland opleiding gestart! Veel theorie en praktijk!

Meer info over de opleiding op http://www.nexus-physiotherapy.eu/inhoud/maitland.php

20160902_084027

Nexus kniecursus

september 6, 2016

Op 1 en 2 september hebben Igor Tak en Harald Bant de Nexus kniecursus verzorgd. Naast anatomie, biomechanica en sportletsels was er veel aandacht voor het onderzoeken en behandelen van de kniepatient.

Veel specifieke testen zijn geoefend en herhaald en met behulp van de gerichte feedback kon iedereen zijn eigen vaardigheden verder ontwikkelen.

Op 16 september is de terugkomdag met Harald gepland.

Samen met de goede catering door Trudy en Toos weer een geslaagde Nexus activiteit. De Nexus kniecursus wordt in 2017 ook weer aangeboden. Meer info hier!

 

cursusprogramma dryneedling

augustus 30, 2016

Het cursusprogramma Dryneedling dat bij Nexus in Gennep gevolgd kan worden ziet er zo uit. Inschrijven kan via http://www.myofascialepijn.nl/

 

MYOFASCIALE PIJN SEMINARS: DAGPROGRAMMA’S  MYOFASCIALE PIJN EN DISFUNCTIE

DOELEN PER PROGRAMMAONDERDEEL

De 14-daagse cursus van Myofasciale PIjn Seminars Groningen bestaat uit drie modules respectievelijk 5, 3 en 6 dagen lang waarvan de laatste module 2 weken later wordt gevolgd door een theorie- en praktijkexamen. Alle docenten: Jo Franssen, Jan Dommerholt, Margriet Eleveld,  Betty Beersma en Matthijs Luitjes hebben uitgebreide praktijkervaring in het behandelen van patiënten met het Myofasciale pijnsyndroom [respectievelijk sinds 1984, 1989, 2001, 2002 en 2010]. De eerste twee genoemde docenten zijn in 1996 gestart met het geven van cursussen over dit onderwerp en hebben belangrijke Nederlands- en Engelstalige publicaties over myofasciale pijn op hun naam staan.

De vijfdaagse module I behandeld de fysiologische en pathofysiologische achtergronden die onder meer door prof. Zaagsma vanuit zijn vakgebied [receptor-farmacologie] wordt toegelicht. Alle door Travell en Simons beschreven Myofasciale triggerpoints [MTrPs] van de bovenste extremiteiten worden in deze eerste vijfdaagse module behandeld. Diagnostiek en therapie d.m.v. manuele technieken van MTrPs worden gedemonstreerd en onder begeleiding geoefend. De MTrPs worden behandeld aan de hand van drie grote diagnosegroepen, te weten: aspecifieke KANS, specifieke KANS en hoofdpijn [adhv de internationale hoofdpijnclassificatie]. De plaats van myofasciale pijn binnen het fysiotherapeutisch onderzoek, vakfilosofische model van de fysiotherapie, DTF, pijnwetenschappen, de richtlijnen [van o.a. de fysiotherapeutische verslaglegging,whiplashletsel,KANS, subacromiaal pijn syndroom (SAP)] en haar rol binnen de fysiotherapie met fysiologie als kernwetenschap, wordt omschreven.

De driedaagse Module II wordt gegeven door Jan Dommerholt, de (Nederlandstalige) gastdocent uit de USA die de MTrPs in spieren van de onderste extremiteiten behandeld. Daarnaast presenteert hij de meest relevante publicaties en onderzoek omtrent myofasciale pijn. Als redactielid van het Journal of Bodywork & Movement Therapies is hij bekend met alle recente publicaties uit de gehele wereld.

De zesdaagse module III is gericht op het behandelen middels TrP dry needling van de reeds in Module I en II behandelde MTrPs. Daar deze techniek in ongeoefende handen gevaren oplevert voor infectie, klaplong en bloedingen wordt hieraan veel aandacht aan de veiligheid besteed en er een praktijkexamen aan gekoppeld. Het behaalde Certificaat geeft aan dat de cursist veilig kan en mag werken met deze techniek. Ook verzekeringstechnisch is het overleggen van dit bewijs van belang.

 

Een belangrijke reden waarom er 8 dagen aan deze 6 dagen dry needlen vooraf gaan is dat er in onze ogen eerst een degelijke palpatoire vaardigheid moet zijn verkregen in het opsporen van de MTrPs. Eerst dan is het mogelijk ze ook middels een naald op te sporen en een voor het therapeutisch effect noodzakelijke Lokale Twitch Response op te wekken.

De tweede niet minder belangrijke reden is dat in onze ogen behandelaars die zich bezig houden met myofasciale pijn bijzonder goed op de hoogte dienen te zijn van de theoretische achtergronden. In gesprekken met patiënten, artsen, specialisten en collega’s dienen ze duidelijk te kunnen maken wat MTrPs zijn, welke evidentie er voor is en welk recent onderzoek het concept ondersteunt.
Een derde reden van deze 8-daagse voorbereiding op het TrP-DN is dat, als om een of andere reden de dry needling techniek niet kan worden toegepast de behandelaar goed in staat is MTrPs middels manuele technieken te inactiveren, zodat er een effectieve alternatieve behandelwijze voor het TrP dry needlen voorhanden is.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  I   Dag 1: INLEIDING EN WETENSCHAPPELIJKE EVIDENTIE

9.00-10.45           Definitie myofasciaal pijnsyndroom en myofasciaal triggerpoint (MTrP)
Jo Franssen        Historische ontwikkeling myofasciale pijn
Prevalentie MPS
Symptomatologie MTrP
Referred pain en verklaringsmodellen
Etiologie MTrP
Pathofysiologie MTrP en eindplaathypothese
Beeldvormende technieken MTrP
Eindplaathypothese en uitgebreide eindplaathypothese
Pathofysiologie MTrP als complex van vicieuze cirkels

11.00-12.30        Diagnostische criteria MTrP
Jo Franssen        Intra- en interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van palpatie MTrPs
Strakke band, drukpijnlijke plek, herkenbare pijn, local twitch response
Contractiemechanisme dwarsgestreepte spier
Praktijk palpatoire vaardigheden adhv m. trapezius

13.30-15.15        Therapeutische principes en therapeutische methodes algemeen
Jo Franssen        praktijk IJs en rek techniek
Anatomie, etiologie, diagnostische en therapeutische handgrepen
m. trapezius pars descendens, transversa en ascendens
m. sternocleidomastoideus

Eleveld                 Praktijk palpatie en release van MTrPs van kaakspieren:
Franssen             m. temporalis
m. masseter
m. pterygoideus lateralis
m. pterygoideus medialis
m. digastricus

15.30-17.00        Praktijk palpatie en release van MTrPs van aangezichtsspieren
m. zygomaticus
m. orbicularis oculi
m. obliquus oculi superior
m.  rectus lateralis
m.  buccinator
m. occiptiofrontalis pars frontalis en occipitalis
 

 

 

 

 

 

MODULE  I   Dag 2: HOOFDPIJN- KAAK – EN AANGEZICHTSKLACHTEN

9.00-10.45           Differentiaal diagnostiek & alarmsymptomen
Jo Franssen        Hoofdpijnclassificatie adhv International Headache Society
ICHD-II: Primaire & secundaire hoofdpijn & craniële neuralgieën
Hoofdpijn categorieën samenhangend met MTrPs:
-Migraine
-Spanningshoofdpijn
-Clusterhoofdpijn
-Hoest-, koude-, inspannings-, seksuele-, slaap- en donderslaghoofdpijn
-Posttraumatische hoofdpijn
-Hoofdpijn op basis van gebruik stoffen o.a. overmedicatiehoofdpijn
-Hoofdpijn o.b.v. afwijkingen van structuren in nek, hoofd, kaak, holtes
-Hoofdpijn o.b.v. psychiatrische stoornis
Hoofdpijnclassificatie  o.b.v. patroonherkenning

11.00-12.30        Reguliere hoofdpijnbehandeling en resultaten
Jo Franssen        Hypothese hoofdpijnklachten en MTrPs                                                                                                                                                          Perifere en centrale sensitisatie  en de rol van MTrPs
Bespreking klinisch onderzoek bij  migraine,spanningshoofdpijn, clusterhoofdpijn,                                                      posttraumatische hoofdpijn (o.a. whiplashtrauma) cervicogene hoofdpijn
Klinisch redeneren bij hoofdpijnklachten met inclusie MPS
Klinische diagnostiek voor myofasciale pijn en proefbehandeling MTrP
Triggerpoint release en eliminatie predisponerende -, klachtenonderhoudende – en                                                  predisponerende factoren
Casuïstiek hoofdpijnklachten

13.30-15.45        Bouw en functie van de motorische eindplaat, nicotine/acetylcholine receptoren
Prof. Zaagsma   Rol van o.a. acetylcholine, cholesterase bij synaptische spleet
Farmacologische beïnvloeding van  acetylcholine receptoren
Depolarisatie spiermembraan en de elektro-mechanische koppeling
Contractiemechanisme en rol calciumionen en ATP
Gevonden afwijkingen in MTrP: End Plate Noise, zuurstoftekort
Fysiologisch verklaringsmodel
Experimentele bewijsvoering van contraction knots
Recent wetenschappelijk onderzoek MTrPs
Rol van Calcitonine Gen Gerelateerd Peptide op ontwikkeling MTrP
Geïntegreerde “expanded” eindplaathypothese
Doppleronderzoek in omgeving  MTrPs

16.00-17.00        Praktijk palpatie en release van MTrPs nekmusculatuur :
Beersma             m. splenius capitis en cervicis
Franssen             m. semispinalis capitis en cervicis
m. longissimus capitis, m. multifidi en m. rotatores
m. recti capitis major en minor & m. obliquus capitis inferior en superior

 

 

 

MODULE  I   Dag3: A-SPECIFIEKE KANS & MYOFASCIAAL PIJNSYNDROOM             

9.00-10.45           Definitie RSI en KANS: specifiek en a-specifiek
Jo Franssen        Historische ontwikkeling RSI en KANS
Symptomatologie a-specifieke KANS in relatie tot MPS
Symptoom gebaseerd model en traditioneel ziektemodel
Etiologie a-specifieke KANS in relatie tot etiologie MTrP
RSI-preventie in relatie tot preventie MPS
Werkstijl, ergonomie, spierbewustzijn, regeneratie, vision care, fitness,                                                                           stressmanagement bij RSI en bij MPS

11.00-12.30        Praktijk palpatie en release van MTrPs in spieren van schouderregio:
Jo Franssen        m. levator scapulae
Beersma             m. scaleni anterior, medius en posterior
m. supraspinatus
m. infraspinatus
m. teres minor
Eleveld                 m. latissimus dorsi
m. teres major
m. subscapularis
m. rhomboideus
m. deltoideus

13.30-15.15        Behandelplan MPS in relatie tot KNGF-richtlijnen RSI
Jo Franssen        Assepoesterhypothese, Hogedrukgebieden contraherende spier, relatie spiergedrag                                                              en klacht op basis van referred pain zones van de MTrPs, EPN en SEA onder                                                                   supraspinale invloed.

15.30-17.00        Praktijk palpatie en release van MTrPs in spieren van bovenarmregio:                                                                                m.coracobrachialis
m. biceps brachii
m. brachialis
m. triceps brachii
m. anconeus

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  I   Dag4: SPECIFIEKE KANS & MYOFASCIALE PIJNSYNDROOM

9.00-10.45           Definitie Specifieke KANS
Jo Franssen        WAD, TOS en 36 specifieke KANS diagnoses
Symptomatologie van WAD, TOS en specifieke KANS diagnoses in relatie met MTrPs
Behandeling van WAD, TOS  en specifieke KANS diagnoses in relatie met MTrPs

11.00-12.30        Diagnostiek MTrP
Jo Franssen        Intra- en interbeoordelaarsbetrouwbaarheid van palpatie MTrPs
Strakke band, drukpijnlijke plek, herkenbare pijn, local twitch response
Contractiemechanisme dwarsgestreepte spier
Praktijk palpatoire vaardigheden adhv dorsale onderarmmusculatuur

13.30-15.15        Praktijk palpatie en release van               MTrPs in onderarmregio
Jo Franssen        m. brachioradialis
m. extensor carpi radialis longus en brevis
m. extensor carpi ulnaris
m. extensor digitorum en indicis
m. supinator
m. palmaris longus
m. flexor carpi radialis en ulnaris
m. flexor digitorum superficialis
m. flexor digitorum profundus
m. pronator teres
m. extensor pollicis longus en brevis
m. abductor pollicis longus
m. abductor pollicis brevis
m. flexor pollicis brevis
m. opponens pollicis
m. adductor pollicis
mm. interossei dorsales manus
mm. interossei palmares
mm. lumbricales manus
mm. abductor, opponens en flexor  digiti minimi

15.30-17.00        Praktijk palpatie en release van MTrPs in thoraxgebied
Jo Franssen        m. pectoralis major
m. subclavius
m. pectoralis minor
m. sternalis
mm. intercostali
m. serratus anterior
m. serratus posterior superior
 

 

 

MODULE  I   Dag 5: FITTING IT ALL TOGETHER

9.00-10.45           Samenvatting 4 dagen: Waar zijn MTrPs te vinden?
Welke MTrPs  worden eerst behandeld?
Therapeutische mogelijkheden om MTrPs te inactiveren
Wat zijn klachtenonderhoudende en predisponerende factoren MTrP s
Totaalbeleid MTrPs  a.d.h.v.  “zorgplanschema”
Waarom MTrPs zo therapieresistent zijn a.d.h.v.  pathofysiologisch schema
Waarom  ene therapie werkzamer is dan andere
Waarom ene patiënt meer behandelingen nodig heeft  dan een andere
Therapeutische invalshoek a.d.h.v.  pathofysiologie

11.00-12.30        Demonstratie patiënt met een hoofdpijn, kaak of aangezichtsklachten
M. Eleveld          Anamnese en  inspectie
Demonstratie van behandeling  a.d.h.v.  behandelplan
13.30-15.15        Demonstratie patiënt met een schouderprobleem of RSI-klachten
B. Beersma        Anamnese en  inspectie
Demonstratie behandeling

15.30-17.00        Plaats MPS in fysiotherapeutisch onderzoek
Jo Franssen        Plaats MPS in DTF: rol intuïtie bij klinisch denkproces en 10 heuristische regels
Plaats MPS in fysiotherapeutisch klinisch redeneren
KNGF-richtlijnen en het MPS
Plaats MPS in pijnwetenschappen
Fysiotherapie met fysiologie als kernwetenschap
Hoe verder? Literatuur, verenigingen, congressen, scholingen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  II Dag 1: Manuele technieken van  Romp en heupspieren

9.00-10.45           Inleiding algemeen romp en onderste extremiteit
Dommerholt     Anatomie, Complicaties, Relatieve contra-indicaties
Algemene voorzorgsmaatregelen
Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs :
m. multifidi
m. rotatores
m. longissimus
m. iliocostalis
m. serratus posterior  inferior

11.00-12.30        Casuistiek : voorbeelden uit de praktijk betreft  behandelde spieren

Dommerholt     m. rectus abdominis
m. obliquus abdominis externus
m. obliquus abdominis internus
m. quadratus lumborum
m. psoas major
m. iliacus
13.30-15.15        Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs:
Dommerholt     m. gluteus maximus
m. gluteus medius
m. gluteus minimus
m. piriformis
m. obturatorius internus en externus

15.30-17.00        Bespreking casuistieken rugklachten, bekkenbodemklachten
Dommerholt     Recent wetenschappelijk onderzoek myofasciale triggerpoints
o.a. Studies betreffende  MTrPs en centrale sensitisatie
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  II Dag 2: Manuele technieken bekken en bovenbeenspieren

09.00-10.45        Anatomie, Complicaties, Relatieve contra-indicaties
Dommerholt     Algemene voorzorgsmaatregelen
Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs:
m. tensor fasciae latae
m. sartorius
11.00-12.30        Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs:
m. pectineus
Dommerholt     m. adductor longus
m. adductor brevis
m. gracilis
m. adductor magnus
m. quadriceps femoris
.

13.30-15.15        Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs:
m. biceps femoris
Dommerholt     m. semitendinosus
m. semimembranosus
15.30-17.00        Bespreking casuistiek been- en bekkenbodemklachten
Dommerholt     Recent wetenschappelijk onderzoek myofasciale pijn
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  II Dag 3:  : Manuele technieken van onderbeen- en voetspieren

9.00-10.45           Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs :
m. tibialis anterior
m. peroneus longus, brevis en tertius
m. gastrocnemius
Dommerholt     m. soleus
m. tibialis posterior
m. extensor digitorum longus
m. extensor hallucis longus

11.00-12.30        Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs:
m. flexor digitorum longus  en hallucis longus
Dommerholt     m. extensor digitorum brevis
m. extensor hallucis brevis
m.abductor hallucis                      .

13.30-15.15        Praktijk diagnostiek en therapie van MTrPs:
m. flexor digitorum brevis
Dommerholt     m. abductor digiti minimi, m. quadratus plantae
Anatomie, Complicaties, Relatieve contra-indicaties
Algemene voorzorgsmaatregelen
15.30-17.00        Bespreking casuistieken knie, enkel en voetklachten
Dommerholt     Recent wetenschappelijk onderzoek myofasciale pijn
o.a. Uitgebreide geintegreerde hyothese van ontstaan van triggerpoint
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  III Dag 1: Dry needling van romp-, bekken- en heupspieren

9.00-10.45           Introductie Dry Needling (DN)
Dommerholt     Techniek
Complicaties
Relatieve contra-indicaties
Algemene voorzorgsmaatregelen
Beeldvormende technieken MTrP i.c.m. dry needling

11.00-12.30        Praktijk DN van MTrPs:
m. multifidi
m. rotatores
m. longissimus
m. iliocostalis
m. serratus posterior  inferior

Dommerholt     Praktijk DN van MTrPs :
m. rectus abdominis
m. obliquus abdominis externus
m. obliquus abdominis internus
m. quadratus lumborum                                            .

13.30-15.15        Praktijk DN van MTrPs:
m. iliopsoas
Dommerholt     m. obturatorius internus
m. gluteus maximus
m. gluteus medius
m. gluteus minimus
m. piriformis

15.30-17.00        Bespreking casuistieken rugklachten
Dommerholt     Recent wetenschappelijk onderzoek dry needling
o.a. Studies betreffende  MTrPs en centrale sensitisatie
 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  III Dag 2: Dry needling van bekken-, heup- en beenspieren

9.00-10.45           Praktijk DN van MTrPs:
m. tensor fasciae latae
Dommerholt     m. sartorius
11.00-12.30        Praktijk DN van MTrPs:
Dommerholt     m. quadriceps femoris
m. pectineus
m. adductor longus
m. adductor brevis
m. gracilis
m. adductor magnus                                                    .

13.30-15.15        Praktijk DN van MTrPs:
Dommerholt    m. biceps femoris
m. semitendinosus
m. semimembranosus

15.30-17.00        Bespreking casuistieken bekkenbodemklachten
Dommerholt     Recent wetenschappelijk onderzoek dry needling
o.a. Dry needling versus acupunctuur
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  III Dag 3: Dry needling van onderbeen- en voetspieren

9.00-10.45           Praktijk DN van MTrPs :
Dommerholt     m. tibialis anterior
m. peroneus longus, brevis en tertius
m. extensor digitorum longus
m. extensor hallucis longus

11.00-12.30        Praktijk DN van MTrPs:
m. gastrocnemius
m. tibialis posterior
m. flexor digitorum longus  en hallucis longus
Dommerholt     Praktijk DN van MTrPs  oppervlakkige  intrinsieke voetmusculatuur
Praktijk DN van MTrPs  m.abductor hallucis                       .

13.30-15.15        Praktijk DN van MTrPs:
Dommerholt     m. flexor digitorum brevis
m. abductor digiti minimi,
m. quadratus plantae
Examentraining: anatomie, Complicaties, Relatieve contra-indicaties
Algemene voorzorgsmaatregelen
15.30-17.00        Bespreking casuistieken knie, enkel en voetklachten
Dommerholt     Recent wetenschappelijk onderzoek dry needling
Uitgebreide geïntegreerde hypothese van ontstaan van triggerpoint
Bespreking publicaties Reader

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  III Dag 4: Dry needling van nek-, hals- en rotator cuffspieren

9.00-10.45           Praktijk Dry Needling   van m. trapezius pars descendens
Eleveld                 Praktijk Dry Needling   van m. sternocleidomastoideus
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

11.00-12.30        Praktijk DN van MTrPs m. splenius capitis
Beersma             Praktijk DN van MTrPs  m. splenius cervicis
Praktijk DN van MTrPs  m. semispinalis
Praktijk DN van MTrPs  m. multifidi
Praktijk DN van MTrPs m. obliquus capitis inferior
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie
Praktijk Dry Needling   mm. scaleni
Praktijk DN van MTrPs  m. levator scapulae
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie
13.30-15.15        Overzicht onderzoek adhv reader
Franssen             Pijnwetenschappen, spieronderzoek, klinisch onderzoek

15.30-17.00        Praktijk Dry Needling  m. infraspinatus
Eleveld                 Praktijk DN van MTrPs  m. teres minor
Praktijk DN van MTrPs  m. Supraspinatus
Beersma            Praktijk DN van MTrPs  m. Subscapularis
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  III Dag 5: Dry needling van thorax- en bovenarmmusculatuur

9.00-10.45           Praktijk DN van MTrPs  m. rhomboideus minor en major
Eleveld                 Praktijk DN van MTrPs  m. trapezius pars transversus
Praktijk DN van MTrPs  m. trapezius pars ascendens
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. serratus posterior superior
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie
11.00-12.30        Praktijk DN van MTrPs  m. pectoralis major
Beersma             Praktijk DN van MTrPs  m. pectoralis minor
Franssen             Praktijk DN van MTrPs m. subclavius
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

13.30-15.15        Praktijk DN van MTrPs   m. serratus anterior
Eleveld                 Praktijk DN van MTrPs  m. teres major
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. latissimus dorsi
Praktijk DN van MTrPs  m. iliocostalis thoracis                                                                                                                                Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

15.30-17.00        Praktijk DN van MTrPs  m. deltoideus
Beersma             Praktijk DN van MTrPs  m. coracobrachialis
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. biceps brachii
Praktijk DN van MTrPs  m. brachialis
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

Eleveld                 Praktijk DN van MTrPs  m. triceps
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. anconeus
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

MODULE  III Dag 6: Dry needling bij kaak- , onderarm en handspieren

9.00-10.45           Praktijk DN van MTrPs m. masseter ,
Eleveld                 Praktijk DN van MTrPs m. temporalis
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. pterygoideus lateralis,
Praktijk DN van MTrPs  m. pterygoideus medialis
Praktijk DN van MTrPs  m. digastricus,
Praktijk DN van MTrPs  m. zygomaticus
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

11.00-12.30        Praktijk DN van MTrPs  m. brachioradialis,
Beersma             Praktijk DN van MTrPs  m. extensor carpi radialis longus en brevis
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. extensor digitorum en indicis
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie

Beersma             Praktijk DN van MTrPs  m. supinator
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. pronator teres
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie               .

13.30-15.15        Praktijk DN van MTrPs  m.palmaris longus
Beersma             Praktijk DN van MTrPs  m. flexor carpi radialis
Franssen             Praktijk DN van MTrPs  m. flexor digitorum superficialis
Praktijk DN van MTrPs  m. flexor digitorum profundus
Praktijk DN van MTrPs  m. flexor carpi ulnaris
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie.

Praktijk DN van MTrPs  m. extensor pollicis longus en brevis
Praktijk DN van MTrPs  m. abductor pollicis longus
Praktijk DN van MTrPs m. abductor pollicis brevis
Praktijk DN van MTrPs  m. flexor pollicis brevis
Praktijk DN van MTrPs  m. opponens pollicis
Praktijk DN van MTrPs  m. adductor pollicis
Praktijk DN van MTrPs mm. interossei dorsales manus
Praktijk DN van MTrPs mm. interossei palmares
Praktijk DN van MTrPs mm. lumbricales manus
Praktijk DN van MTrPs mm. abductor, opponens en flexor  digiti minimi
Demonstratie DN wordt gevolgd door oefenen in de praktijk onder supervisie.

15.30-17.00        Overzicht onderzoek adhv reader
Franssen             Pijnwetenschappen, spieronderzoek, klinisch onderzoek

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Wetenschappelijke update; algemene, veelzijdig doelgerichte en specifieke oefeningen

augustus 28, 2016

Algemene, veelzijdig doelgerichte en specifieke oefeningen

Het aangrijpingspunt van de revalidatie van patiënten met lage rugklachten is het motorische gedrag. Uitgaande van een patiënt met acute klachten worden oefeningen geïmplementeerd in de revalidatie die verlopen van algemeen naar veelzijdig doelgericht naar specifiek. Wat is het verschil?

Algemene oefeningen

Uitgaande van de trainingsleer wordt onder specifiek verstaan wanneer spiercontractie, energiesysteem en beweging overeenstemmen met de functionele handeling. (Weineck 2007). Bij algemene oefeningen voldoet maximaal 1 aspect hieraan.

Binnen de wervelkolomrevalidatie gaat het hier om het geïsoleerd aanspreken van musculatuur; de lokale musculatuur van de wervelkolom. Naast het lokale systeem wordt het globale mono articulaire systeem aangesproken. Het systeem dat het lokale segmentale spiersysteem ondersteund bij activiteiten waarbij de wervelkolom tegen de zwaartekracht inwerkt. De soort oefeningen die plaatsvinden bij de algemene oefeningen hebben vaak een minder functionele uitgangshouding; ruglig, buiklig, handen en knieenstand etc.

Veelzijdig doelgerichte oefeningen

Bij veelzijdig doelgerichte oefeningen zie je dat de spiercontractie en het energiesysteem overeenstemmend zijn met de functionele handeling. De beweging is echter nog niet specifiek.

In de revalidatie van de wervelkolom ligt het accent op het trainen van de intermusculaire coördinatie tussen het lokale, globale mono articulaire systeem en het globale multi articulaire systeem. De oefeningen gaan van een regionaal naar een totaal karakter; houdingen en of bewegingen van de wervelkolom worden gecombineerd met bewegingen van de onderste en/of bovenste extremiteit. De oefeningen krijgen een meer functioneel karakter daar synergistische bewegingsketens worden getraind.

Specifieke oefeningen

Bij specifieke oefeningen zijn het contractiemechanisme, het energiesysteem en de beweging overeenstemmend met de functionele handeling. Voor de wervelkolomrevalidatie betekent dit dat het trainen van de wervelkolom wordt gecombineerd met synergistische bewegingsketens die de functionele handelingen van de patiënt representeren. Deze functionele handelingen kunnen zijn op ADL niveau, werk of sport. Functionele handelingen zijn gerelateerd aan een doel. Het doel van de handeling representeert de interactie met de omgeving. Voor het uitvoeren van specifieke oefeningen moet de specifieke omgeving uiteindelijk worden geïmplementeerd.

Oefening van de maand; flys

augustus 28, 2016

Flys dumbell a     Flys dumbell b

Flys
beginpositie eindpositie
 

In ruglig op de bank, de knieën 90 graden flexie de voeten in een breed steunvlak op de grond. De dumbells in de handen, de ellebogen in 20 graden flexie en de schouders in 90 graden anteflectie.

 

In ruglig op de bank, de knieën 90 graden flexie de voeten in een breed steunvlak op de grond. De dumbells in de handen, de ellebogen in 20 graden flexie en de schouders in optimale horizontale abductie.

 

bewegingsverloop De beweging wordt geïnitieerd vanuit de schouders door het uitvoeren van een horizontale abductie. De beweging wordt zover uitgevoerd zodat er geen totale musculaire spanningsverlies is zowel in de concentrische als in de excentrische fase van de beweging. De ellebogen zijn gedurende het bewegingsverloop in 20 graden flexie. Tijdens het uitvoeren van de beweging vindt er geen beweging plaats in de wervelkolom.
doelgroepen Deze oefening kan worden toegepast bij alle patiënten met schouderklachten
doelen ·      Mobiliteitsverbetering

·      Stabiliteitsverbetering

·      Krachtverbetering

Waar op te letten Belangrijke objectieve criteria bij deze oefening liggen bij:

–       Een juiste uitgangshouding

–       Een juist bewegingsritme

–       Een juiste bewegingsuitslag

–       Een juist bewegingsverloop.

 

–       Belangrijk bij de uitvoering van de oefening is dat er geen totaal musculair spanningsverlies is aan het einde van de concentrische fase

 

–       De ellebogen blijven gedurende het bewegingsverloop in 20 graden flexie

 

–       Deze oefening wordt meer aan het einde van de revalidatie getraind. Deze oefening traint de zogenaamde “propellors”. Spieren die primair verantwoordelijk zijn voor beweging en secundair voor glenohumerale stabiliteit

 

–       Optimale scapulabeweging en glenohumerale stabiliteit zijn voorwaarden voordat er wordt begonnen met de oefening flys

 

 

wetenschappelijke update; het trainen van bewegingen

juni 25, 2016

Algemene principes bij revalidatie van de wervelkolom

Klachten in de wervelkolom zijn vanuit bio perspectief vooral te wijten aan degeneratie en bindweefselletsels van de wervelkolom. Beiden leiden tot dysfuncties in het passieve, actieve en neurale systeem van de wervelkolom. In de revalidatie is het zaak de dysfuncties in de verschillende systemen te verminderen. Het aangrijpingspunt voor de fysiotherapeut is het motorische gedrag van de patiënt met lage rugklachten.

De verbetering van het motorische gedrag kan worden gerealiseerd door het trainen van de verschillende motorische grondeigenschappen en de revalidatie/trainingsmethoden in de motorische grondeigenschappen. Het basis concept voor veel verschillende wervelkolomconcepten ligt in het trainen van de motor control.

Verbetering van het motorische gedrag wordt tevens bewerkstelligd door het uitvoeren van oefeningen. Bij het uitvoeren van de oefeningen wordt in de literatuur aan drie aspecten aandacht besteedt;

  1. het trainen van de musculatuur
  2. het trainen van houdingen
  3. het trainen van bewegingen (Hodges et al 2013)

Hoewel we de drie aspecten tijdens het uitvoeren van de oefeningen kunnen onderscheiden kunnen we ze niet scheiden. Het trainen van musculatuur heeft invloed op zowel de houdingen als de bewegingen zoals ook houdingen en bewegingen invloed hebben op de activiteit van de musculatuur.

Het trainen van bewegingen

Het trainen van bewegingen wordt in de wervelkolomkaarten meer expliciet gedefinieerd. Ten eerste worden de bewegingen van de wervelkolom ingedeeld in bewegingen waar of vooral statische of dynamische stabiliteit van de wervelkolom wordt gevraagd. Statische stabiliteit wordt vooral gevraagd bij die houdingen en bewegingen waar geen beweging in de wervelkolom plaatsvindt. Deze vorm van stabiliteit kan zowel voorkomen bij lokale, regionale of totale oefeningen. Lokale oefeningen zijn oefeningen waarbij het accent ligt op de activiteit van de musculatuur rond de wervelkolom; het trainen van de musculatuur van de wervelkolom. Regionale oefeningen zijn oefening waarbij er geen beweging plaatsvindt in de wervelkolom maar wel in aangrenzende gewrichten, bijvoorbeeld de heup (zie figuur 8). Totale stabiliteit zijn oefeningen waarbij zowel bewegingen kunnen plaatsvinden in de onderste als de bovenste extremiteit maar geen beweging in de wervelkolom plaatsvindt, het trainen van kinetische ketens.

high sitting good morning   high sitting gm 2

Figuur 8 regionale stabiliteit van de wervelkolom, the high sitting good morning; een oefening waarbij vooral statische stabiliteit van de wervelkolom wordt gevraagd bij flectie in de heup.

Dynamische stabiliteit wordt vooral gevraagd bij die houdingen en bewegingen waar beweging in de wervelkolom wordt gevraagd. Bij het trainen van de dynamische stabiliteit van de wervelkolom wordt uitgegaan van totale bewegingen en specifieke bewegingen.

imbalanced stiffed leg dl     imb stiffed leg dl 2

Figuur 9 totale beweging van de wervelkolom, de imbalanced stiffed leg dead lift; een oefening waarbij dynamische stabiliteit van de wervelkolom wordt gevraagd.

Het aangrijpingspunt van de revalidatie van patiënten met lage rugklachten is, zoals eerder aangegeven, het motorische gedrag. Uitgaande van een patiënt met acute klachten worden oefeningen geïmplementeerd in de revalidatie die verlopen van algemeen naar veelzijdig doelgericht naar specifiek.

Oefening van de maand: eenbenig spingen, eenbenig landen

juni 25, 2016

Sprung ABC

Eenbenig springen, eenbenig landen diagonaal
beginpositie eindpositie
De patiënt staat op 1 been met de knie in lichte flexie. Het bovenlichaam in vorlager en de armen langs het lichaam. Het onbelaste been is net zoals het belaste been licht geflecteerd. De patiënt landt op hetzelfde been waarmee wordt gesprongen. De uitgangshoudingen van beide benen is gelijk aan de beginpositie. Het bovenlichaam is in vorlager en beide armen zijn in anteflectie en de elle bogen   geflecteerd.
bewegingsverloop De patiënt springt diagonaal. Om te kunnen springen volgt een concentrisch versnellen, een zweeffase en een excentrisch remmende activiteit van de musculatuur.
doelgroepen Deze oefening kan worden toegepast bij patiënten met enkel-, knie-, heup- en wervelkolomklachten.
doelen Deze oefening kan verschillende doelen nastreven:

·       Als revalidatie oefening voor klachten aan de onderste extremiteit of de wervelkolom

·       Preventie van klachten

·       Als vorm van veelzijdig doelgerichte krachttraining

 

Waar op te letten Belangrijk bij het uitvoeren van deze oefening is:

Dat de fysiologische voorwaarden in het aangedane gewricht aanwezig zijn; geen ontstekingsverschijnselen in het gewricht.

De patiënt in staat is eenbenige low impact oefeningen goed uit te kunnen voeren (bijvoorbeeld step up en step down).

Dat er een goede warming heeft plaatsgevonden voordat er wordt begonnen met het coördinatieve sprong ABC.

Dat de patiënt voldoende vertrouwen heeft om eenbenig te kunnen springen en landen.

Dat de patiënt in staat is bij de landing binnen drie seconden stabiel kan staan.

Dat de objectieve kwaliteitscriteria van de oefening kloppen; juist bewegingsverloop, bewegingsritme, en uitgangshouding.

 

Diplomering Maitland

juni 21, 2016

Gisteren vond de eerste diploma uitreiking van Maitland manueel therapeuten plaats. De studenten hadden gisteren de verdediging van hun case reports. Hiermee kwam een einde aan een pittige afrondende fase van hun level 3 en wetenschappelijke module plus laatste beoordelende stage.

Voor de studenten, maar ook voor het Maitland docententeam en Nexus een mooie afsluiting. Iedereen van harte gefeliciteerd en heel veel succes in de toekomst gewenst!

CRAFTA basiscursus module 2

juni 7, 2016

Afgelopen week heeft de tweede module van de CRAFTA basiscursus bij Nexus plaats gevonden. Onder begeleiding van Daniela en Wessel.

CRAFTA cervico-oculaire cursus

juni 2, 2016

Van 29 tot 31 mei 2016 heeft weer de CRAFTA cervicooculaire cursus plaats gevonden bij Nexus. Onder leiding van Daniela von Piekartz is er aan de volgende themas gewerkt:

  • cervicale – vestibulaire – occulaire reflexssystemen. Mechanismen, dysfuncties en symptomen.
  • Assessment van het CVO reflexsysteem.
  • neuromuskuloskeletaal occulair assessment.
  • revalidatie en management van occulaire – vestibulaire en cervicale dysfuncties.

Een geslaagde cursus! Dank aan iedereen!

Data voor 2017 worden binnenkort bekend gemaakt op facebook en in de nexus nieuwsbrief.